donderdag 16 mei, Sitterdorf-Feldkirch 80 km

Reeds voor zevenen ontstond er leven in de tenten en om half 8 was iedereen eruit. Er werd ontbeten van restanten brood en smeersels waarbij de meest onmogelijke combinaties toch nog eetbaar bleken.
Ad kan praten en breien tegelijk want tijdens zijn ontbijt heeft hij onderstussen het krakende kettingstel van Peter nagekeken. We vertrokken om kwart voor 9 en weer werd de de campingplaats verlaten zonder dat iemand kon zien dat wij er geweest waren. Onze route beschrijving geeft aan wat de meest voor de handliggende route is. En dit keer komen we terecht op een boerderij waarbij een jolig uitziende kerel direct ziet dat hij te maken heeft met Nederlanders.
Op een bepaalde manier voel je je dan altijd een beetje betrapt maar voor de man in kwestie is het een positieve beoordeling. Met de ontmoeting van de man arriveren we tevens bij een veerpont voor een overtocht over de Sitter.
De pont wordt werkelijk met mankracht bediend door deze imposante maar vriendelijke boer met zijn 2 honden en 1 varken die met Babe wordt aangesproken. Zodra de dieren zien dat de baas klandizie heeft gaan alle dieren mee op de veerboot. Even ontstaat het beeld van de ark van Noach waarbij mens en dier in vrede en harmonie de stormvloed weerstaan. De man staat erop zelf de fietsen op de platbodem te plaatsen. Wij nog denken die stopt wel bij twee fietsen, maar nee hij tilt ze allemaal vanaf de helling de boot in en zelfs bij de zwaarste fiets van Marga moet hij niet eens hijgen. Vervolgens wordt met alle beschikbare mankracht Ad met rolstoel en al in de boot geplaatst.
Een afwijkend schouwspel waarbij zelfs de dieren even stopten met druk doen op niets af. Vervolgens wordt de boot met een duwpaal naar de overkant gedreven en volgt het tweede bedrijf van fietsen sjouwen, honden verjagen en het varken leren gehoorzaam te zijn. U kunt ook de site van Werner Attinger eens bekijken, de moeite waard, het adres is: www.gertau.ch. De wijze waarop de man dit alles deed en dat dag in dag uit van 's morgens zeven tot 's avonds tien uur, deed ons vermoeden dat er nog immer mensen zijn die als een soort Christoforus de wereld weillen dragen. Immers we vergeten maar al te vaak en al te gemakkelijk dat er mensen zijn met bereidheid veel meer te willen doen voor de medemens dan normaal gesproken van mensen verwacht mag worden. Eenmaal aan wal en aan de overkant ontstaat, voor de hand liggend, de discussie over de vraag waar mensen net als 2000 jaar geleden bereid zijn het lijden van mensen in de wereld op zich te nemen. En hoe funktioneel is dan het lijden van mensen uberhaubt. Onze voorzichtige conclusie is dat het mensen in ieder geval de kans geeft zich het lijden van de medemens aan te trekken en in sociaal opzicht wellicht van betekenis te zijn. Ziedaar het beeld van de Christus die de drager wil zijn van menselijk lijden en daarvan verlost wordt door daden van liefde door mensen voor elkaar. Deze beresterke vent blijft nog lang in onze herinnering.
Het wordt eentonig nog langer in superlatieven omtrent de prachtige omgeving te spreken. We dalen af naar de Bodensee en drinken koffie op de kop van het havenhoofd van de plaats Rorschach. En verder gaat de tocht en het wordt snoeiheet. In Margrethen hebben we brood en fruit gekocht dat gelukkig kon worden genuttigd onder de schaduw van het plaatselijke perron van het station. Het was niet anders de hitte maakte loom en in Marbach hebben we heerlijk onder de bomen in de schaduw met een briesje fruit gegeten en lekker uitgerust. Misschien nog meer van de warmte dan van het fietsen. Fietsend langs de Bodensee hou je toch echt af en toe je adem in, zo mooi, terwijl aan de andere kant bergtoppen zijn ter zien met sneeuw bedekt. Fietsend door de hitte van de dag denk je dan hoe lekker zou het zijn een hand sneeuw in je nek te leggen. Om 18.00 arriveerden we op de camping in Feldkirch, mooie camping, goed sanitair en een geweldig zwembad. We hebben er 80 km opzitten. In de avond lekker op de camping gegeten, hamburgers op de bbq van een vriendelijke buurman op de camping die zijn apparaat toch al aan het warmstoken was.
Een maaltijd met alle lekkers er op en er aan. Mar en Ad mochten vanavond zonder beperkingen mee-eten aan tafel want ze haddden eindelijk bordjes om fatsoenlijk van te eten. De spreuk voor de nacht werd door ons als volgt samengesteld, 'het leven van de reiziger is voortdurend afscheid nemen van prachtige landschappen en fantastische mensen'.